clear
swap_horiz
search

Sentences in Dutch with audio (total 1963)

keyboard_arrow_left 1234567...20
nld
Om bij het museum te komen moet je die bus nemen.
nld
Je kan geen omelet maken zonder eieren te breken.
nld
Hoe groot is het?
nld
Waar ben je gisteren geweest?
nld
De wens is de vader van de gedachte.
nld
Ik hou niet meer van je.
nld
U bent erg moedig.
nld
Hij is zanger.
nld
Jouw ideeën bevallen mij wel.
nld
Ik was in de bergen.
nld
Komt u soms bij me thee drinken?
nld
Dank u.
nld
Dat zal niets aan de zaak veranderen.
nld
Ze was betoverd door zijn glimlach.
nld
Democratie is de slechtste regeringsvorm, met uitzondering van alle andere vormen die de mensheid tot nu toe heeft uitgeprobeerd.
nld
Spreken is zilver, zwijgen is goud.
nld
Er zijn altijd dingen die ik nooit zal leren, ik heb de eeuwigheid niet voor de boeg.
nld
Zeg het me.
nld
Het is fris vandaag.
nld
Wiens brood men eet, diens woord men spreekt.
nld
Elke soort papier is geschikt.
nld
Goeie vraag.
nld
Ik ken een man die goed Russisch spreekt.
nld
Bent u bezig?
nld
De helft van de appels is rot.
nld
Ik had me niet moeten afmelden.
nld
Tom verdient meer geld dan Mary.
nld
Welke kant is het strand op?
nld
Hoe ver is het naar het vliegveld?
nld
Het kan vriezen en het kan dooien.
nld
Jullie zijn rijk.
nld
Hemel en hel bestaan enkel in de harten van mensen.
nld
De beste stuurlui staan aan wal.
nld
Ik wist niet waar het vandaan kwam.
nld
Zalig kerstfeest.
nld
Wat is uw achternaam?
nld
In Parijs heb ik voor een maand een kamer gehuurd.
nld
Ik woon hier.
nld
Tot later!
nld
Wetenschap is heel spannend.
nld
Dank u wel!
nld
Zodra hij alleen was, opende hij de brief.
nld
Ik woon in Japan.
nld
Hij loste die opgave met gemak op.
nld
Jong geleerd is oud gedaan.
nld
Verdragen kan onverdraaglijk zijn.
nld
Het is van mijn broer.
nld
Wie "a" zegt, moet ook "b" zeggen.
nld
Niemand komt er achter.
nld
Keulen en Aken zijn niet op één dag gebouwd.
nld
Dit is de vlag van Japan.
nld
Ik kwam dat restaurant toevallig tegen.
nld
Amuseer je!
nld
Verkopen ze schriften in die winkel?
nld
De kleine Martin had een rustige kindertijd in Atlanta, Georgia.
nld
Ik reis graag.
nld
Goedemorgen allemaal!
nld
Heb je een tv?
nld
Glas wordt gemaakt van zand.
nld
Tenslotte moet iedereen zelf leren.
nld
Als de wereld niet was zoals ze is, zou ik iedereen kunnen vertrouwen.
nld
Ik weet niet wat dat is.
nld
Gisteren is mijn zus naar Kobe gegaan.
nld
Als het kalf verdronken is, dempt men de put.
nld
Beter een goede buur dan een verre vriend.
nld
Een tafel heeft vier poten.
nld
Zijn schoenen zijn bruin.
nld
Jullie zijn heel schattige jongens.
nld
Engels is niet makkelijk, maar wel interessant.
nld
Zolang er leven is, is er hoop.
nld
We waren van plan om daar ongeveer twee weken te blijven.
nld
Frankrijk grenst aan Spanje.
nld
Ik zou een eeuwigheid bezig zijn om alles uit te leggen.
nld
U bent zwanger.
nld
Er zitten knopen op het jasje.
nld
Ik kan het ook niet uitleggen.
nld
Bent u niet moe?
nld
Als ik later groot ben, wil ik koning worden.
nld
Waarvandaan vertrekken de bussen naar het vliegveld?
nld
Het zijn niet alleen koks die lange messen dragen.
nld
We hebben veel tijd.
nld
Ze vraagt hoe dat kan.
nld
De muren hebben oren.
nld
Dat is altijd zo geweest.
nld
Je bent erg sexy.
nld
Je bent dik geworden.
nld
Deze jongen is mijn zoon.
nld
Ik moet gaan slapen.
nld
"Jullie moeten samen een mandje appels naar opa brengen," zei moeder. "Jij houdt de ene kant vast, en jij de andere. En zo lopen jullie dan."
nld
Hij is hier!
nld
Ik heb geen broers.
nld
Je moet je tong leren om goede koffie van slechte te onderscheiden.
nld
Steeds wanneer ik naar deze foto kijk, herinner ik me die gelukkige dagen in het dorp.
nld
Weinig studenten kunnen Latijn lezen.
nld
De regen ging over in sneeuw.
nld
Beter een half ei dan een lege dop.
nld
Ik vermoed, dat achter alles wat we doen moeten, wel iets zit, wat we doen willen...
nld
Tot morgen in de bibliotheek.
nld
Wie niet horen wil, moet voelen.
nld
Ik hou niet van onregelmatige werkwoorden leren.
keyboard_arrow_left 1234567...20