menu
Tatoeba
language
Register Log in
language English
menu
Tatoeba

chevron_right Register

chevron_right Log in

Browse

chevron_right Show random sentence

chevron_right Browse by language

chevron_right Browse by list

chevron_right Browse by tag

chevron_right Browse audio

Community

chevron_right Wall

chevron_right List of all members

chevron_right Languages of members

chevron_right Native speakers

search
clear
swap_horiz
search

Sentences in Dutch with audio (total 1,958)

nld
De kruik gaat zo lang te water, tot zij breekt.
nld
Dan ga ik wel sudokuspelen, in plaats van jou nog verder te storen.
nld
Daarna ging ik daar weg, maar ik kwam erachter dat ik mijn tas vergeten was.
nld
Aap, wat heb je mooie jongen.
nld
De Rijn stroomt tussen Frankrijk en Duitsland.
nld
Ik ren zo hard als ik kan om hem in te halen.
nld
Hij schopt me!
nld
Ze probeerde elk woord van de leraar op te schrijven.
nld
Jullie zijn kinderen.
nld
Wat heb ik?
nld
Hemel en hel bestaan enkel in de harten van mensen.
nld
Dat is te duur!
nld
Heb je nooit les of zo?
nld
Onderschat mijn kracht niet.
nld
Hij is sterk.
nld
Waren jullie bezig?
nld
Nu weet ik het weer.
nld
Ik zal het nooit meer doen.
nld
Citroenen zijn zuur.
nld
Ik zou je een koffie aanbieden als je tijd had.
nld
U bent onpartijdig.
nld
Ik heb een goed woordenboek nodig.
nld
"Jullie moeten samen een mandje appels naar opa brengen," zei moeder. "Jij houdt de ene kant vast, en jij de andere. En zo lopen jullie dan."
nld
We kunnen thuis geen schaap houden. Wat moeten we er daar mee doen?
nld
Katten die muizen, mauwen niet.
nld
Nieuwe bezems vegen schoon.
nld
Hoe oud bent u?
nld
De volgende dag riep de dove, terwijl hij de binnenplaats over rende, naar haar: "Als u iets nodig heeft, moedertje, neemt u het maar!"
nld
Russisch is erg moeilijk te leren.
nld
Ik ben geen leraar.
nld
Ken heeft meer boeken dan jij.
nld
Teder legde hij zijn hand op haar schouder.
nld
Zij is niet mooier dan haar moeder.
nld
Zijn kinderen zijn groot geworden.
nld
Ze is gekleed als een bruid.
nld
Heb je je rijbewijs?
nld
Zij waren schoolkinderen in die tijd.
nld
De partijleider is een beroemd geleerde.
nld
Hij is gisteren overleden.
nld
Hoe kan ik de motor starten?
nld
Ik dacht dat je graag nieuwe dingen zou leren.
nld
Ik heb hem vorig jaar op een feestje ontmoet.
nld
Hoe oud is het universum?
nld
Denk er eens over na als je wil.
nld
Uw ticket, alstublieft.
nld
Ik ben bang dat de lijn bezet is.
nld
Gedane zaken nemen geen keer.
nld
Zij heeft een zoon.
nld
Tom was dapper.
nld
Hij zal op je wachten.
nld
Het ontbijt is klaar.
nld
De ouderdom komt met gebreken.
nld
Eerlijk duurt het langst.
nld
Hoe eet je dit?
nld
Veel buitenlanders komen naar Japan om Japans te leren.
nld
Ik kan zo niet leven.
nld
Waar gehakt wordt, vallen spaanders.
nld
Wie wind zaait, zal storm oogsten.
nld
Spanjaarden hebben twee achternamen.
nld
Je kunt maar beter een tijdje gaan slapen.
nld
Het kostte minder dan vijftig dollar.
nld
Wanneer u terugkomt uit Amerika, ben ik al afgestudeerd.
nld
De paarse fiets kost minder dan de gele.
nld
Hij heeft een hond.
nld
Je kan geen omelet maken zonder eieren te breken.
nld
Mijn naam is Yamada.
nld
Dit is een goed lesboek.
nld
Ik ben ziek.
nld
Bent u getrouwd?
nld
Straks is onze zus bij ons.
nld
Zij die alles vergeten, zijn gelukkig.
nld
Weinig studenten kunnen Latijn lezen.
nld
Geld stinkt niet.
nld
Ze is dokter.
nld
Hoeveel cd's heb je?
nld
Dit probleem is ontstaan door een wederzijds misverstand.
nld
Papa, waarom onweert het 's winters niet?
nld
Wat is de maan vanavond mooi!
nld
Gisteravond heeft Tom geen avondeten gegeten.
nld
De jongen is heel eerlijk.
nld
U bent rijk.
nld
Gisteren was het donderdag.
nld
Er ontbreekt een mes.
nld
Er zijn altijd dingen die ik nooit zal leren, ik heb de eeuwigheid niet voor de boeg.
nld
Waarom zegt men "Goedendag" wanneer de dag niet goed is?
nld
Ik heb niets te doen.
nld
Spreek langzaam!
nld
Twee vanille-ijsjes alstublieft.
nld
Sandra neemt een boterham en een kop koffie als ontbijt.
nld
De kleren maken de man.
nld
Een kruimeltje is ook brood.
nld
Waar is de Roemeense ambassade?
nld
Ik heb een taxi nodig.
nld
Mijn horloge was gestolen.
nld
En zo zat hij op een keer aan het eind van de middag in de tuin te eten, toen een dame met een baret rustig in zijn richting kwam om aan de tafel naast hem te gaan zitten.
nld
Van uitstel komt afstel.
nld
Wie het kleine niet leert, doet het grote verkeerd.
nld
Het wachtwoord is "Muiriel".
nld
Veel geluk.
nld
Je beeldt je dingen in.